Ieder kind naar een reguliere school in de eigen buurt. Lig je als directeur of bestuurder wakker van dit plan? Heb jij als Intern Begeleider of leerkracht je handen in het haar? Over welke opgave hebben we het nu eigenlijk? En wat betekent dit voor het onderwijs? Dit artikel geeft uitleg en handvatten van ervaringsdeskundigen.
Doel inclusief onderwijs
Het doel van inclusief basisonderwijs is dat kinderen leren met en van elkaar in een omgeving die diversiteit omarmt. De principes zijn:
- Leerlingen met en zonder extra ondersteuningsbehoeften zitten bij elkaar in dezelfde klas en spelen op hetzelfde schoolplein.
- Zorg en begeleiding worden zoveel mogelijk naar de reguliere school gebracht, in plaats van dat het kind naar een speciale school moet.
- Elk kind krijgt de specifieke begeleiding die het nodig heeft om zich optimaal te kunnen ontwikkelen op zijn eigen niveau en tempo.
Meubels voor inclusief onderwijs
Speciaal voor inclusieve huisvesting ontwikkelden we de meubellijn de Villa's. Drie doordachte meubels die ruimte bieden om te ontprikkelen, zonder afleiding aan de slag te gaan en individuele begeleiding te geven.



De Droom Villa biedt ruimte om even te ontprikkelen. Rustig een boekje lezen of door het dakraam staren om weer tot jezelf te komen.
In de Talent Villa kan een kind geconcentreerd aan het werk, zonder afgeleid te worden. Jij kunt ook even naast een kind zitten en groei observeren en stimuleren. Zo ontdek je talent!
Onze Groei Villa is dé plek om samen met een kind, als medewerker van het disciplinair team, aan de slag te gaan en extra begeleiding te geven.
De 6 stappen
Deze opdracht heeft gevolgen voor de manier van werken, de fysieke omgeving en de cultuur. Het ministerie heeft daarom 6 benodigde stappen benoemd:
1. Toerusten van leraren
De lerarenopleidingen en bijscholingen worden aangepast, zodat leerkrachten leren lesgeven aan een zeer diverse groep.
2. Hulp in de school
Zorg en jeugdhulp worden direct naar de school gehaald, onderwijsassistenten staan vaker samen voor de klas om intensievere begeleiding te bieden.
3. Dekkend aanbod
Reguliere scholen en het speciaal onderwijs gaan intensief samenwerken om te zorgen dat er in elke regio plek is voor iedereen.
4. Flexibele leerpaden
Er komt meer wettelijke ruimte om af te wijken van de standaard curriculum, zodat ieder kind op eigen tempo leert; flexibele leerlijnen dus. Lessen worden zo ontworpen dat ze vanaf het begin toegankelijk zijn voor iedereen (Universeel ontwerp, UDL). Kinderen kunnen hun kennis op verschillende manieren laten zien (bijvoorbeeld mondeling, via een video of een praktijkopdracht).
5. Inclusieve huisvesting
Schoolgebouwen worden verbouwd om fysiek volledig toegankelijk te zijn. Er komen prikkelarme ruimtes in de school waar overprikkelde kinderen zich even rustig kunnen terugtrekken en er komen aanpassingen voor kinderen met een visuele of auditieve beperking.
6. Normaliseren
Het veranderen van de maatschappelijke mindset, zodat samen naar school gaan de standaard norm wordt. Focus verschuift van de 'beperking' of het probleem van een kind naar wat het kind nodig heeft om te kunnen meedoen.

Het klinkt mooi. En we houden van een uitdaging! Maar we weten ook dat een verandering van visie in de praktijk vaak jaren vraagt. Help! Het goede nieuws: er zijn mensen die je voor gingen. Directeuren van kindcentra, scholen voor speciaal onderwijs en pioniers op het vlak van gepersonaliseerd-, wereld-, montessori- en unitonderwijs: zij zijn ervaringsdeskundig op verschillende vlakken. Wat kunnen we daarvan leren op de vlakken flexibele leerpaden, het toerusten van leerkrachten en inclusieve huisvesting?
Flexibele leerpaden
Een lesdag ziet er niet voor alle kinderen hetzelfde uit. Dat betekent dat er flexibiliteit in schoolroutes en beoordeling, en differentiatie in het aanbod mogelijk moet zijn. Kinderen kunnen versnellen of vertragen. Als school kijk je samen met het kind en de ouder(s) naar wat nodig is om te kunnen ontwikkelen op school. Praktische adviezen van ervaringsdeskundigen:
- Observeren
Als je bij het niveau van kinderen wilt aansluiten, ga dan observeren. Kinderen leren en onderzoeken niet altijd op de manier die wij bedenken, het werkt ook niet hetzelfde voor elk kind. Neem de tijd om goed te kijken en luisteren naar kinderen. Kijk daarbij naar de ontwikkelingsfase van het kind, wat je nu zou mogen verwachten en wat het kind nodig heeft om verder te komen. Op basis van je inzicht beslis je of je gaat ingrijpen, bijsturen of meekijken. De kunst is hier om te vertragen, omdat je dan goed kunt kijken en weloverwogen keuzes kunt maken. Probeer te stoppen met het vergelijken van kinderen onderling, vergelijk het kind met zichzelf: wat was jouw proces?
- Rolverdeling leerkrachten
Gedifferentieerd of gepersonaliseerd onderwijs vraagt iets van de rolverdeling in het team. Je biedt stof gericht aan. Je stuurt, stimuleert en laat zien wat er nog meer is om te ontdekken. De ervaringsdeskundigen die wij spraken, werken vaak met specialisten per vakgebied. De ene leerkracht geeft instructies voor rekenen, de andere voor taal, weer een andere leerkracht is verantwoordelijk voor coaching, de ICT'er voor de vakles. Leerkrachten worden ingezet voor instructies, onderwijsondersteuners voor toezicht. Dit kan zelfs werkdruk verlagend werken.
- Gerichte instructie
Geef gerichte instructies. Geef bijvoorbeeld eerst een 5-woordendictee en bepaal dan welke kinderen er nog instructie nodig hebben. Geef vervolgens 1 keer een goed instructie, die waar nodig herhaald kan worden door kinderen die het beheersen. Instructies worden dus vaak in kleine groepjes gegeven. Ze kunnen verplicht zijn, omdat een kind dit nog niet beheerst. Het kan ook een keuze zijn, waardoor kinderen groeien in zelfstandigheid en verantwoordelijkheid. Kinderen zoeken voor het uitwerken zelf een plek die daarbij past.
- Kracht van de groep
Maak gebruik van de kracht van de groep. Waar kinderen veel samenwerken in groepjes, maken ze gebruik van elkaars talenten. We zien ook dat kinderen die groepsdoorbrekend onderwijs gewend zijn, meer op elkaar gericht zijn en minder op de leerkrachten dan in regulier onderwijs. Met vragen stappen ze op een maatje af of op een kind dat er goed in is. Een kind uit de bovenbouw helpt een kind uit de onderbouw met lezen.
- Diversiteit in werkplekken
Voor differentiatie is diversiteit in werkplekken nodig. En omdat de manier waarop kinderen leren verschilt, is er meer praktijkruimte nodig. Ruimtes worden vaak anders ingericht met open ruimtes, leerpleinen of een huis als groepsruimte. Je ziet naast een gymzaal bijvoorbeeld ook een kooklokaal, moestuin, atelier, dansstudio en/of theater.
- Uitproberen & inspiratie
Deze andere manier van werken vraagt aanpassingen op het vlak van methodes, rolverdeling én interieur. Denk buiten bestaande kaders en trek hierin samen op met teamleden en kinderen, daar zit veel creatieve denkkracht. Ga proefdraaien met verschillende opstellingen. En bezoek scholen met ervaring om te zien wat bij jouw school past!
Toerusten leerkrachten
Onderwijsvisie
Scholen die ons advies vragen, zijn vaak bezig met het herformuleren van de onderwijsvisie. Ingegeven door de wens leerlingen meer maatwerk, betere uitleg en meer aandacht te bieden, zoeken ze naar de manier om dit vorm te geven. Ze willen bijvoorbeeld het klassikale onderwijs (gedeeltelijk) loslaten en meer kindgericht lesgeven. Dit heeft veel paralellen met de stap naar inclusief onderwijs.
Gedragsverandering
Leerkrachten geven vaak al geruime tijd op een bepaalde manier les. Een andere manier van werken vraagt om een andere manier van lesgeven en dus om gedragsverandering. Hoe zorg je daarvoor? In het kader van een studie aan de Hogeschool Utrecht onderzocht onze Joan gedragsverandering in het onderwijs.
Uit dit onderzoek blijkt dat dit de grootste gedragsbepalers zijn:
1. Gewoontes en automatismen
De automatische piloot levert leerkrachten gemak en tijdwinst op. Dit is te beïnvloeden door slimme prikkels die helpen om het gewenste gedrag te vertonen.
2. Fysieke omgeving
Het aanbrengen of juist weglaten van signalen in de fysieke omgeving kan een krachtig middel zijn voor gedragsverandering.
3. Kennis
Als een leerkracht voldoende kennis heeft om 'ja' te zeggen tegen een onderwijsvorm dan kan gestuurd worden op verbintenis. Een ander mechanisme dat hier kan helpen is het verspreiden van de sociale norm door het contact met ervaringsdeskundigen tot stand te brengen.
Essentieel blijkt het samen optrekken bij het vormen van de nieuwe manier van werken. Om aan de slag te gaan met de visie, moet er een noodzaak zijn. Er moet een reden zijn om te willen veranderen: het gedrag van kinderen, de werkdruk, minder aanmeldingen. Die urgentie moet voelbaar zijn, of voelbaar gemaakt worden.
Inclusieve huisvesting
Inclusief onderwijs vraagt inclusieve huisvesting. Een schoolgebouw moet voor alle kinderen toegankelijk zijn. Dat betekent dat een gebouw flexibel in te richten moet zijn, zodat het kan meebewegen met de behoefte van een groep. De leeromgeving biedt ruimte om samen een les te volgen, maar ook om aan eigen lesdoelen te werken.
Fysieke omgeving als 3e pedagoog
De fysieke omgeving is een belangrijke succesfactor. Niet zozeer het schoolgebouw zelf, als wel de indeling en inrichting hiervan bepalen voor een deel het werken volgens een onderwijsvisie. De omgeving fungeert als 3e pedagoog.
Voor het meer kindgericht lesgeven, het stimuleren van exploitatiedrang, zelfstandig werken en instructies geven aan kleinere groepjes is een ander meubilair nodig dan een tafel en stoel per kind. Het vraagt om een flexibele, dynamische inrichting. In een klaslokaal moeten bijvoorbeeld verschillende leeractiviteiten gelijktijdig kunnen plaatsvinden. Een ruimte moet makkelijk aangepast kunnen worden op verschillende leerstijlen en tempo's.
Wij bieden volop keuze in verschillende werk-, chill, lees- en speelplekken. Denk aan een speelpodium, grote tafels met een stoer frame, een stiltehuisje, treinzitjes, wandwerkplekken, een bakbank met opbergruimte, boekenboom, tribunes, instructietafels, kastenwanden met uitwisselbare elementen, speelhuizen, atelierbakken en nog veel meer.
Prikkelarm interieur
Inclusieve huisvesting vraagt daarnaast om prikkelarme ruimtes op een basisschool, kindcentrum of groep. Deze zijn speciaal ontworpen, rustige plekken waar kinderen even volledig kunnen ontladen. Het doel is om kinderen te helpen met emoties en stress te reguleren, zodat ze daarna weer mee kunnen doen.
Verder praten over inclusief onderwijs
Verder praten over inclusief onderwijs en de gevolgen hiervan voor de leeromgeving? Mail ons: aantafel@debelevingbv.nl. Je bent van harte welkom in onze meubelmakerij en op ons ontwerpbureau in het centraal gelegen Amersfoort. Ons uitnodigen bij jou mag natuurlijk ook!













